|
ASPARTAAM: WAT JE NIET
KENT KAN SCHADELIJK ZIJN!
Stuur je commentaar naar:
de aspartaam website
Misleiding en andere fabeltjes
Wanneer een product wordt goedgekeurd door de Food and
Drug Administration (FDA) en is samengesteld uit natuurlijke bestanddelen,
zou je dan aannemen dat het veilig was om te gebruiken? Als dat zelfde
product een kunstmatige zoetstof is, zou je dan aannemen dat het zou helpen
bij je dieet? Miljoenen mensen gebruiken aspartaam, de kunstmatige zoetstof
bekend als NutraSweetTM, met deze veronder- stellingen in
gedachten.
Aspartaam kan gevonden worden in producten zoals:
De onzuivere geschiedenis bij de goedkeuring van aspartaam en de mogelijk giftige bestanddelen geeft echter reden tot serieuze twijfel aan de veiligheid van deze suiker vervanger. Verder, kan aspartaam uw eetlust aanmerkelijk doen toenemen.
De goedkeuring van de FDA zette het signaal op groen
voor veilige consumptie. 85 procent van alle klachten die bij de FDA
geregistreerd staan betreft echter bijverschijnselen veroorzaakt door
aspartaam, met inbegrip van vijf gerapporteerde doodsoorzaken. Een nadere
analyse van de onweten-schappelijke onderzoeken, verdachte
goedkeuringsmethoden en de schadelijke bestanddelen, brengen de verborgen
gevaren van deze kunstmatige zoetstof aan het licht. In werkelijkheid
betekent aspartaam een gevaar voor de volks-gezondheid. Laten we de
volgende drie verzinsels eens onderzoeken en nagaan waarom we aspartaam
moeten vermijden: ten eerste, goedkeuring door de FDA betekent dat
aspartaam veilig is om te gebruiken; ten tweede, natuurlijke grondstoffen
betekenen "niet schadelijk"; en ten derde, het helpt bij het onder controle
houden van het gewicht.
Goedkeuring FDA betekent Veilig
"Aspartaam is de meest onderzochte toevoeging die ooit
werd goedgekeurd door de FDA," zegt Martha Stone, Voedingsadviseur en
professor aan de Universiteit van Colorado. Stone, een voorstander van
Aspartaam, "aspartaam zou nooit op de markt zijn gekomen wanneer het
problemen bij mensen zou veroorzaken." Betekent "meest onderzochte" dat het
ook veilig is voor menselijke consumptie? Belangrijker is, wat waren de
resultaten van deze onderzoeken en hoe werd aspartaam goedgekeurd? Een
grondige kijk naar de achtergronden van de goedkeuring van aspartaam
onthult een spoor van verdachte methoden en mogelijk heimelijke
verstandhoudingen tussen de FDA en de fabrikant van aspartaam.
Aspartaam werd in 1965 ontdekt door een chemicus van de
firma Searle. Na onderzoek van het product om de veiligheid ervan vast te
stellen, legde Searle de testen aan de FDA voor om goedkeuring te
verkrijgen voor aspartaam. Volgens het artikel 'De Dodelijke Misleiding',
samengesteld door het Aspartaam Gebruikers Waarschuwings Netwerk, keurde de
FDA aspartaam in 1974 goed voor beperkt gebruik, gebaseerd op testen die
geselecteerd waren door Searle. Na de goedkeuring, ontdekte de FDA dat
sommige andere producten van Searle ernstige bijverschijnselen vertoonden.
Bovendien toonde een studie van Dr. John Olney, onderzoek psychiater bij de
School voor Geneeskunde in Washington, aan dat er gaten ontstonden in de
hersenen van muizen na het gebruik van Asparaginezuur, een belangrijk
ingrediënt van aspartaam. Dit onderzoek werd voorgelegd aan de FDA nadat ze
aspartaam reeds voor beperkt gebruik hadden goedgekeurd. Dit nieuwe
bewijsmateriaal bewoog de FDA tot het samen stellen van een speciale
interne commissie om de oorspronkelijke onderzoeken van Searle te
beoordelen.
Knoeien met onderzoek
Tijdens dat onderzoek, bekeek de speciale eenheid van de
FDA opnieuw een onderzoek gedaan voor Searle in 1969 door Dr. Harry
Waisman, professor in de kindergeneeskunde aan de Universiteit van
Wisconsin. Het onderzoek behelsde het toedienen van aspartaam gemengd met
melk aan zeven zuigeling apen. Na 300 dagen, kregen vijf apen epileptische
aanvallen en één stierf. Dr Waisman stierf voordat al zijn onderzoeken
gereed waren. De speciale eenheid bracht aan het licht dat, toen Searle het
onder zoek van Waisman aan de FDA voorlegde, al de negatieve informatie was
weg gelaten.
Bedenkelijke laboratorium praktijken
De speciale eenheid ontdekte ook dat er twijfelachtige
laboratorium praktijken waren gebruikt door de onderzoekers van Searle. In
de samenvatting van hun onderzoek, kwam de speciale eenheid tot de volgende
conclusie: "De geloofwaardigheid van Searle heeft een behoorlijke deuk
opgelopen door de ernstige tekortkomingen die we hebben ontdekt bij de
hoogwaardige dierproeven om nauwkeurig de giftigheid van hun producten te
bepalen en te typeren..... De veelvuldige problemen die we vonden in en
door de studies heen, die we onderzochten, onthulden een patroon in de
handelwijze waardoor de wetenschappelijke integriteit van die studies in
diskrediet werd gebracht."
Dit onderzoek onthulde dat de onderzoekers van Searle
tumoren hadden verwijderd bij dieren die aspartaam kregen toegediend en
"verzuimden" dit te rapporteren of op kanker te controleren. Eveneens
werden dieren waarvan gerapporteerd was dat ze dood waren, later weer als
levend opgegeven.
Andere bevindingen van de speciale eenheid hielden in:
"vervalste informatie" van een ander product van Searle, het 'Copper 7-
IUD', het spiraaltje, een product voor geboorte regeling. Dit product moest
van de markt gehaald worden vanwege een dwangsom van 9 miljoen dollar.
Searle verloor ondanks dat zij beweerden dat het spiraaltje veilig was.
Als resultaat van de bevindingen van de speciale eenheid
uit 1975, werd in 1977 een kleinere speciale eenheid samengesteld om het
oorspronkelijke onderzoek van Searle zelfs nog verder te controleren. Dit
onderzoek bracht aan het licht dat Searle opnieuw informatie had vervalst
door onnauwkeurige bloedonderzoeken. Kennelijk hadden ze niet met elkaar
verband houdende dierproeven met elkaar verwisseld door problemen met de
instrumenten. Een andere onderzoek toonde aan dat de tumoren veroorzaakt
waren door een afbraak product van aspartaam, diketopiperazine (DKP).
Gerechtelijk onderzoek
Vanwege de bevindingen van de speciale eenheid uit 1975,
gaf de FDA opdracht tot een "Grand Jury" onderzoek naar de aspartaam
onderzoeken van Searle. Advocaat William Conlon en V.S. advocaat Thomas
Sullivan, slaagden er niet in enige juridische actie te ondernemen tegen
Searle betreffende de aspartaam testen. Derhalve kwamen ze tijd te kort en
het onderzoek van de "grand jury" werd gestopt. Conlon trad toen in dienst
van het advocaten kantoor dat Searle vertegenwoordigde. Het is interessant
te weten dat dit niet de eerste keer was dat Searle betrokken was in een
"grand jury" onderzoek. Ze waren beschuldigd van het niet rapporteren van
tumoren bij het testen van twee van hun geneesmiddelen, Flagyl en
Aldactone.
Volgens een artikel in 'Technology Review', werd
aspartaam in 1980 opnieuw voorgedragen voor goed keuring. Dit keer
adviseerde de FDA de samenstelling van een openbare onderzoekscommissie om
de veiligheid van aspartaam vast te stellen. De commissie werd samengesteld
uit drie wetenschappers. Zij "gaven de aanbeveling aspartaam van de markt
te houden totdat verdere dierproeven konden aantonen dat het geen tumoren
veroorzaakte".
De afkeuring van aspartaam door deze openbare raad van
onderzoek was niet genoeg. "The Deadly Deception" verklaarde dat een team
van vijf gevolmachtigde wetenschappers werd samengesteld om te kijken naar
de conclusies van de openbare raad van onderzoek. Drie wetenschappers
stemden tegen goedkeuring en twee wetenschapper stemden vóór goedkeuring.
Op onverklaarbare wijze voegde zich een zesde lid bij het team met een "ja
stem" vóór de goedkeuring van aspartaam en dit veroorzaakte een impasse.
FDA commissaris Dr. Goyan, besliste op dat moment om aspartaam niet zijn
goedkeuring te geven. In april 1981 werd Dr. Arthur Hayes de nieuwe
commissaris. Searle vroeg opnieuw goedkeuring voor aspartaam aan. Een paar
maanden later keurde Dr. Hayes aspartaam goed voor gebruik in droge
voedingsmiddelen. In 1983 keurde hij aspartaam goed voor gebruik in light
dranken. Een maand later verliet Dr. Hayes de FDA, om binnen drie maanden
voor de reclamefirma van Searle, Burson-Marsteller te gaan
werken.
Vervalsing en bedrog
Het verhaal over de goedkeuring van aspartaam spreekt
voor zich zelf. De firma Searle, waarvan de verkopen in 1992 700 miljoen
bedroegen, had veel te winnen bij de goedkeuring van aspartaam. Na
onderzoek van hun eigen product, selecteerde Searle een aantal testen en
legde die voor aan de FDA. Hoe is het mogelijk dat Searle, een firma die
uit is op winst, besluit welke rapporten aan de FDA gegeven moeten worden?
Men wordt direct wantrouwig wanneer dit wordt toegestaan. Zelfs toen
onafhankelijke onderzoekers zoals Olney en Waisman door Searle benaderd
werden om veiligheidstesten uit te voeren hield Searle belangrijke
informatie achter die deze onderzoekers ontdekt hadden. De inspanning die
de firma Searle zich getrooste om een duidelijk beeld te schetsen van de
veiligheid van aspartaam moet op zijn best een zwakke poging genoemd
worden. Vervalste informatie, onwetenschappelijke laboratorium-praktijken
en een achtergrond van problemen met sommige andere producten maakt het
moeilijk te geloven dat de bezorgdheid van de firma Searle voor onze
gezondheid, prioriteit heeft boven het financiële gewin.
De FDA dient de objectieve bron te zijn om de juistheid
te toetsen van de research van de firma Searle.De FDA geeft uiteindelijk
goedkeuring en het publiek vertrouwt er op dat ze de veiligheid van een
product onderzoeken. In deze speciale zaak lijkt het opnieuw onder de loep
nemen van het aspartaam onderzoeken door het vormen van twee speciale
eenheden, een openbare onderzoekscommissie en twee teams van wetenschappers
overbodig zo niet verdacht. Het onderzoek dat wees op tumoren en het
vervalsen van gegevens komt iedere keer weer naar voren. Het blijkt dat al
deze pogingen bedoeld waren om aspartaam uiteindelijke goedgekeurd te
krijgen en niet om de veiligheid vast te stellen. Als de FDA echt bezorgd
was geweest zouden ze er op hebben aangedrongen om alle originele
onderzoeken opnieuw te inspecteren voordat het goedgekeurd werd voor
beperkt gebruik in 1974. Zelfs al waren herhaalde pogingen van de FDA, om
de veiligheid van aspartaam te onderzoeken wettig, uiteindelijk was het de
verantwoordelijkheid van commissaris Hayes om te beslissen of het product
op de markt zou mogen komen. Toen hij aspartaam goedkeurde, was het meer
dan twijfelachtig of zijn bedoelingen oprecht waren. Zijn baan bij de FDA
was juist lang genoeg om aspartaam goedgekeurd te krijgen en dan neemt hij
handig ontslag en wordt in dienst genomen door een firma die contacten
heeft met Searle! Hoe kunnen we de FDA vertrouwen om de juiste beslissingen
te nemen omtrent de goedkeuring van aspartaam als we wantrouwend zijn
betreffende hun motieven?
Veilig
Wat heeft dit alles te maken met de veiligheid van
aspartaam? Ten eerste moeten we onderzoeken wat veilig betekent. De FDA
verstaat onder veiligheid: "Een redelijke zekerheid van onschadelijkheid".
De waarde bepaling door Searle van de veiligheid van aspartaam werd in
opspraak gebracht toen zij negatieve gegevens achterhielden en
onnauwkeurige test resultaten verstrekten. Zonder gegrond onderzoek, is een
"redelijke zekerheid van onschadelijkheid" moeilijk vast te stellen. Hoe is
het mogelijk dat aspartaam op de markt is als zowel de FDA als Searle er niet
slaagden om vast te stellen of het wel of niet veilig was?
Hersentumoren
Hersentumoren en attaque's bij proefdieren die aspartaam
toegediend kregen duiden op een mogelijk risico voor mensen. De uitleg van
het woordenboek van het woord veilig betekent "vrij van gevaar". Betekent
dit nu dat aspartaam niet veilig is? Het antwoord ligt in de handen van het
publiek. Ofschoon aspartaam vóór de goedkeuring niet werd getest op mensen,
is het nu bij gebrek daaraan toch goedgekeurd. Meer dan 10 miljoen
Nederlanders gebruiken producten met aspartaam. Wij zijn de proefkonijnen
bij het testen van aspartaam zonder het zelfs te weten. Een kijkje naar de
ingrediënten van aspartaam en zijn vernietigende effect op mensen verstrekt
het bewijsmateriaal om alle aspartaam bevattende producten te
mijden.
Wanneer we het natuurlijke noemen suggereren we
onschadelijkheid
"De bouwstenen van eiwit" en "je lichaam kan geen
onderscheid maken tussen de aminozuren in aspartaam en melk", zijn gewone
uitdrukkingen om de ingrediënten in aspartaam te karakteriseren. Deze
overeenkomsten worden gebruikt om het publiek te overtuigen dat aspartaam
zo veilig is als melk, of ander eiwit houdend voedsel. Volgens Dr. H.J.
Roberts, genoemd in "De beste artsen van de VS," is het juist dat aspartaam
is samengesteld uit dezelfde aminozuren die gevonden kunnen worden in
eiwitrijk voedsel. Er zijn echter slechts twee aminozuren in aspartaam nl.
phenylalanine en asparaginezuur, terwijl eiwitrijk voedsel vele soorten
aminozuur bevat. Bij de opname van aspartaam, wordt het bloed overspoeld
met deze twee aminozuren terwijl eiwitrijk voedsel aan de andere kant meer
aminozuren heeft die deze plotselinge overvloed neutraliseren en
onschadelijk maken. Zoals het uit hun context halen van woorden, kan het
halen van aminozuren uit hun natuurlijke vorm problemen veroorzaken. Een
nadere beoordeling van de ingrediënten en de door duizenden mensen
gerapporteerde bijverschijnselen onthullen de gevaren van deze kunstmatige
zoetstof.
Dr. Roberts noemt in zijn boek, "Is Aspartaam Veilig?", de
drie bestanddelen waaruit aspartaam bestaat: nl. phenylalanine (50
procent), asparaginezuur (40 procent), en methanol (10 procent). Zodra
aspartaam wordt blootgesteld aan hitte, of bij langdurige opslag, breken
deze zeer onstabiele bestanddelen af. Een van deze afbraak producten is
Diketopiperazine, een giftig afbraak product dat normaal niet in onze
voeding wordt gevonden. De gevolgen van de verschillende afbraak
bestanddelen zijn onbekend.
Hoeft onze Regering zich niet aan de wet te houden?
Volgens de op dit moment nog niet in Nederland
geïmplementeerde richtlijn 96/21/EG dienen levensmiddelen die aspartaam
bevatten, in verband met de genetische stoornis phenylketonurie (PKU) te
zijn voorzien van de vermelding "Bevat een bron van fenylalanine". Bij
mensen met deze genetische stoornis ontbreekt het enzym dat nodig is om
phenylalanine te kunnen verteren en daardoor wordt het in het lichaam
opgeslagen en kan een zeer ernstige geestelijke stoornis veroorzaken.
Volgens Steven Farber, Arts, kandidaat in hersen- en cognitieve
wetenschappen bij het Technologisch Instituut in Massachusetts, zijn er
naar schatting tien miljoen mensen die drager zijn en het waarschijnlijk
niet weten. Hij stelt dat deze dragers van PKU ook risico lopen omdat zij
phenylalanine niet zo effectief kunnen afbreken als normale mensen en ook
kunnen zij overgevoelig zijn voor verhoogde niveau's in hun dieet.
Mensen met phenylketonurie en PKU-dragers zijn niet de
enige mensen die phenylalanine zouden moeten vermijden. Zwangere vrouwen
dienen de zoetstof aspartaam te vermijden omdat niet bekend is welke
hoeveelheid veilig wordt geacht. Dr. Roberts raadt aan om aspartaam te
mijden tijdens de zwanger schap in verband met het verhoogde phenylalanine
niveau aan de foetale kant van de placenta. Een verhoogd phenylalanine
niveau kan de groei van de foetale hersenen belemmeren.
In een artikel gepubliceerd bij de vereniging van kinderen
met een geboorte defect, bespreekt Karen Mills dat aspartaam
verantwoordelijk kan zijn voor de gezondheidsproblemen van haar zoon. Zich
niet bewust van de gevaren van aspartaam, gebruikte ze vier to zes blikjes
fris met aspartaam per dag en gebruikte ook capsules met phenylalanine om
de vermoeidheid te verminderen gedurende haar zwangerschap. Ze was in goede
gezondheid en rookte en dronk niet gedurende deze tijd. Haar zwangerschap
kon als normaal worden beschouwd en de prenatale onderzoeken sloten enig
genetisch geboorte defect uit. De bevalling was ook normaal. Toen haar zoon
Brandon werd geboren was hij zwaar geestelijk gestoord met ernstige
neurologische afwijkingen. Alle röntgenfoto's, genetische onderzoeken en
bloedonderzoeken waren normaal. Ik verdenk NutraSweet ervan een bijdrage te
hebben geleverd aan Brandon's toestand omdat er geen lichamelijke of
genetische oorzaken bekend waren voor zijn neurologische
problemen.
Neurotransmitters
Asparaginezuur (aspartaam) en glutaminaat (smaakverbeteraar
en bestanddeel van monosodium glutaminaat) zijn bekend als excitotoxins,
Dr. Russel Blaylock, schrijver van "Excitotoxins: The Taste That Kills"
kenschetst deze stoffen als een groep van prikkelende aminozuren die de
oorzaak kunnen zijn van het afsterven van zenuwcellen. Volgens Dr. Blaylock
kan één enkele maaltijd meerdere van deze toevoegingen bevatten, in een
hoeveelheid die groot genoeg is om hersenbeschadiging te doen ontstaan. Dr.
Blaylock maakt zich er bezorgd over dat honderden miljoenen kleuters en
jonge kinderen groot gevaar lopen en hun ouders zich hier niet eens van
bewust zijn.
Methanol (methylalcohol) (10% van aspartaam)
Het laatste bestanddeel van aspartaam is methanol, beter
bekend als methylalcohol, een dodelijk vergif, zegt Dr. Roberts. Er wordt
aanbevolen een dagelijkse hoeveelheid van minder dan acht milligram per dag
niet te overschrijden. Eén liter light limonade gezoet met aspartaam bevat
ongeveer 55 milligram. Een van de gevolgen van methanol vergiftiging is
blindheid.
Methanol (methylalcohol) is een dodelijk gif. Sommige
mensen zullen zich methanol nog wel herinneren als het gif dat bij sommige
zwervers die alcoholist waren blindheid en de dood veroorzaakte. Methanol
komt langzamerhand vrij in de dunne darm zodra de methyl groep van
aspartaam het enzym trypsine ontmoet. De opname van methanol in het lichaam
wordt aanzienlijk vergroot wanneer vrije methanol wordt opgenomen. Vrije
methanol komt nergens ander voor dan in aspartaam, altijd wordt het
vergezeld van ethylalcohol dat een tegengif vormt voor de aanwezigheid van
methanol. Het ontstaat wanneer aspartaam boven de 30oC verhit wordt. Dit
gebeurt wanneer een aspartaam houdend product onjuist wordt opgeslagen of
zodra het wordt verhit. Toen aspartaam pas was goedgekeurd stond op de
verpakking dat het niet mocht worden verwarmt.
Methanol wordt in het lichaam afgebroken in formaline en
mierenzuur. Formaline is een dodelijk zenuw gif. Een berekening van de EPA
toonde aan dat methanol "wordt beschouwd als een cumulatief vergif doordat
het zeer traag wordt uitgescheiden nadat het eenmaal geabsorbeerd is. In
het lichaam wordt methanol geoxideerd tot formaline en mierenzuur: beide
afbraak producten zijn giftig." Ze raden een maximale consumptie aan van
7.8 mg/dag. Een liter met aspartaam gezoete frisdrank bevat ongeveer 56 mg
methanol. Zware gebruikers van aspartaam bevattende producten gebruiken
zelfs wel 250 mg methanol per dag of 32 maal de EPA limiet.
De symptomen van methanol vergiftiging omvatten
hoofdpijn, oor suizen, duizeligheid, misselijk, maag darm stoornissen,
zwakheid draaiduizeligheid, rillingen, geheugen stoornissen, doof gevoel en
pijnscheuten in de extremiteiten, gedragsveranderingen en zenuwontsteking.
Het belangrijkste bekende probleem van methanol zijn de visus problemen met
inbegrip van mistig gezichtsvermogen, progressieve samentrekking van
gezichtsvelden vervlakken van het zien versluieren van het
gezichtsvermogen, schade aan het netvlies en blindheid, het vermengt zich
met de DNA-vermeerdering, waardoor geboorte defecten kunnen ontstaan. Door
het ontbreken van een aantal belangrijke enzymen, zijn mensen vele malen
gevoeliger voor de giftige effecten van methanol dan dieren. Daarom geven
testen van aspartaam of methanol op dieren niet precies de gevaren weer
voor mensen. Zoals Dr. Woodrow C. Monte, voorzitter van de afdeling Voeding
Wetenschap en Laboratoria op de Universiteit van Arizona, uiteenzet: "Er
bestaat *geen* onderzoek bij mensen of zoogdieren om de mogelijke
mutagene, teratogene of carcinogene effecten van chronische toediening van
methylalcohol te beoordelen."
|